”Ik heb elke week wel drie keer in de brievenbus gekeken”

Bij intrede van het technasiumlokaal op de tweede etage van ISW Hoogeland valt het oog meteen op een paar rijdende legorobots.  Aangestuurd door een laptop, maar bovenal aangestuurd en geprogrammeerd door brugklassers. De jonge leerlingen van HV1E en HV1F hebben zich in groep 8 al aangemeld voor het technasium, waar ze op een heel praktische manier kennis maken met techniek en technologie. Toch moet er vooral niet gedacht worden dat het technasium alleen voor de échte techneut is.

‘’Je moet de naamgeving aanhouden,’’ aldus technator Marieke Racké. ‘’Maar het is voornamelijk onderzoeken en ontwerpen.’’ Samen met twee leerlingen uit HV1E, Robin Verbraeken en Yoerike van der Wel, en met twee leerlingen uit HV1F, Donna Moens en J.J. van Elswijk, bespreekt ze het technasium op ISW Hoogeland. ‘’We zijn nu bezig met de Lego League’’, vertelt Yoerike. ‘’Dat duurt acht weken, en we zijn al bijna klaar. De echte Lego League is al geweest, maar binnenkort strijdt onze klas tegen HV1F.’’

Tijdens de ‘echte’ Lego League viel ISW Hoogeland buiten de prijzen, maar de onderlinge wedstrijd moet een mooie afsluiting worden. Het is het tweede project van de brugklassers dit jaar. Robin: ‘’We hebben een plattegrond ingericht voor het Woerdblok, in opdracht van Van der Waal en partners. We zijn daar langs geweest, en ze hebben toen de opdracht verteld. Uiteindelijk ga je er in groepjes aan werken, verzinnen wat handig is. Dat doe je door onderzoek.’’ Marieke Racké vult aan: ‘’Dat is een wensenonderzoek, om de wensen duidelijk op een rijtje te krijgen. Dat kan door middel van interviewen of door middel van observeren in de wijk.’’

Technasium is niet voor iedere leerling weggelegd. Er is zelfs een hele selectieprocedure voor, waarvoor alle aangemelde jongeren een dag naar ISW Hoogeland komen, als ze nog op de basisschool zitten. Yoerike vertelt daarover. ‘’Je moest samenwerken. De ene groep moest een kaartspel verzinnen, de ander een kinderfeest, en mijn groepje moest een reis uitwerken.’’ Daarnaast moest er een motivatiebrief geschreven worden. ‘’Het was heel spannend’’, aldus Yoerike. ‘’Ik wou héél graag. Ik heb elke week wel drie keer in de brievenbus gekeken of die bepalende brief er lag.’’

De selectieprocedure is pittig, aldus Marieke Racké. ‘’We hebben verschillende criteria waar we op letten op zo’n dag, zoals inbreng qua ideeën, luisteren, samenwerken. Die beoordelen we per leerling met plussen en minnen. Liet je je goed zien op die dag, had je meer kans om geselecteerd te worden. Kind voor kind hebben we doorgesproken. Dan moet je er een paar teleurstellen, omdat we de intentie hebben om twee technasiumklassen per jaargang te hebben. Dat is héél vervelend.’’

Is het technasium dan zo de moeite? Marieke Racké denkt van wel. ‘’Vooral op de manier van nadenken. Deze vier leerlingen kennen allemaal de frustratie dat ze vastlopen. ‘Hoe gaan we hieruit komen?’.’’ Daarnaast blijkt dat de projecten ook in de praktijk terugkomen. Zo werd er vorig jaar een ‘speeldernis’ ontwikkelt door de tweedejaars van nu, voor het Prinsenbos. ‘’Daar zijn ideeën van meegenomen. We hebben ook netkasten gemaakt; die hangen nu in het Prinsenbos. Vorig jaar zijn daarin nog twee of drie broedsels geweest.’’

Ondanks de naamgeving, het technasium, is het niet alleen voor de echte techneut. Uiteraard is het wel handig als je er een beetje verstand van hebt, zoals J.J.. ‘’Ik heb me aangemeld omdat ik het leuk vind om samen te werken, en om aan dingen te werken.’’ Daar kunnen Donna, Yoerike en Robin zich wel in vinden. ‘’Vroeger knutselde ik ook altijd aan dingen.’’ Toch ligt de focus vooral op het ontwerpen en onderzoeken, hoewel het wel technischer kán worden, vertelt technator Racké. ‘’In klas één ontwerp je bijvoorbeeld een brug: hoe kan het er leuk uitzien? In de zesde klas bereken je bijvoorbeeld ook de draagkracht. Afhankelijk van het portefeuille opdrachtgevers kan het technischer worden. Als er meer opdrachten klaarliggen zoals in de bovenbouw, kun je als leerling zelf de keuze maken hoe technisch je de opdracht wil hebben.’’

Ondanks dat een gelijke jongens/meisjes-verhouding een streven is, zijn er wel meer jongens die zich aanmelden op het technasium. Donna vindt dat niet storend. ‘’Met weinig meiden heb je toch een hechtere groep.’’ Robin, daarentegen, had op de basisschool veel minder jongens in de klas. ‘’Dan merk je wel dat je nu niet met iedereen even goed bevriend bent.’’ Volgens J.J. is een combinatie tussen jongens en meisjes het beste. ‘’Wij denken anders. Ideeën van meisjes kunnen dus goed uitpakken. Ik denk dat de beste verhouding is als er zowel jongens als meisjes in een groep zitten.’’ Yoerike: ‘’Wij zijn wel wat kattiger!’’ Uiteindelijk bleek uit de rijdende legorobots van het technasiumlokaal dat de leerlingen prima samen kunnen werken.

Tim Reedijk, Algemeen Dagblad, 17-01-’13. Vóór de eindredactie.

Advertenties