Rotterdam, voetbalhoofdstad van Nederland

Rotterdam is een bijzonder stuk Nederland. Met ‘slechts’ 620.000 inwoners heeft de stad maar liefst drie professionele voetbalclubs: eredivisieclubs Feyenoord en Excelsior en eerstedivisionist Sparta. Nergens in Nederland worden talenten zo massaal opgeleid als in Rotterdam. Helden nam een kijkje achter de schermen in de voetbalhoofdstad van Nederland.

De kas rinkelt bij Feyenoord. Jeugdexponenten Daryl Janmaat, Stefan de Vrij en Bruno Martins Indi zijn deze transferperiode voor gezamenlijk ruim 20 miljoen euro van de hand gedaan aan respectievelijk Newcastle United, Lazio Roma en FC Porto. De Rotterdammers plukken de vruchten van hun jeugdopleiding. Bij Sparta kijken ze naar jeugdexponent én wereldster Kevin Strootman, groot geworden op Spangen. In Kralingen zijn ze vooral heel trots op de aanvoerder van Oranje en aanvalsleider van Manchester United: Robin van Persie. Wat ligt eraan ten grondslag dat het relatief kleine Rotterdam zo veel topvoetballers fabriceert?

De jeugdopleiding is ons DNA, onze levensader.

FINANCIEEL
Het is de middag voorafgaand aan de returnwedstrijd van Feyenoord tegen Besiktas in de voorronde van de Champions League. De week ervoor verloor een uiterst matig Feyenoord van Besiktas (2-1), maar Gaston Taument (44) genoot stiekem toch. En dat voor iemand die 15 keer het Oranje-tricot om de schouders had, een jaar bij Excelsior speelde en later zeven seizoenen de onbetwiste rechtsbuiten van Feyenoord was. Nu is hij al 12 jaar jeugdtrainer bij Feyenoord en ziet hij zijn pupillen over het veld dartelen. ‘’Naar wedstrijden van Feyenoord ga ik toch vooral als supporter. En als je dan –net als vorige week– acht jongens op het veld ziet lopen uit de Feyenoord Academy, ja, dat is genieten. Dan weet je waarvoor je het doet.’’

Gaston Taument als speler van Feyenoord. © ANP

Gaston Taument als speler van Feyenoord. © ANP

Taument is realistisch. De financiële perikelen die Feyenoord jarenlang parten speelde, zorgden ervoor dat de Feyenoord Academy noodgedwongen op de voorgrond trad. ‘’Automatisch is er meer voor de jeugd gekozen – ze moesten wel. Toen Raymond Verheijen (inspanningsfysioloog, red.) en Stanley Brard (tot vorig jaar hoofd jeugdopleiding, nu actief bij Qabala in Kazachstan, red.) hier de scepter zwaaiden, is er een stevige, gestructureerde Academy op poten gezet. De continuïteit is de kracht: er staat een vaste kern trainers met ieder een eigen specialisatie of werkgebied.’’

Ook bij Sparta en Excelsior wordt de jeugd steevast ingepast in het eerste elftal. Marco van Lochem (45) is het langstzittende hoofd van een jeugdopleiding in Nederland – al 15 jaar bij Excelsior. ‘’Ook dit jaar zitten weer vier jeugdspelers in de eerste selectie, dus onze jeugdopleiding speelt ook ‘bovenin’ een belangrijke rol.’’ Bij de buren uit Spangen is dat niet anders, licht Lennard van Ruiven (36) toe. Hij is het hoofd van de jeugdopleiding van de

Jeugdexponenten Jordy Clasie en Jean-Paul Boëtius van Feyenoord na de wedstrijd tegen Besiktas. © ANP

Jeugdexponenten Jordy Clasie en Jean-Paul Boëtius van Feyenoord na de wedstrijd tegen Besiktas. © ANP

Spartanen. ‘’De jeugdopleiding is ons DNA, onze levensader. Dit jaar spelen er weer vijf à zes jongens mee in Sparta 1 en dat aantal kunnen maar weinig clubs overbruggen. Onze jeugdopleiding voedt de selectie.’’

STRAAT
Rotterdam is een bolwerk van drukbevolkte wijken, pleintjes en veldjes. In hoeverre is deze omgeving van belang voor het ontwikkelen van Rotterdams voetbaltalent? ‘’Veel jongens hebben hier een bal en een plek om te voetballen, meer niet. Geld voor dure hobby’s is er niet,’’ vertelt Van Ruiven. ‘’Jongens maken daarom veel voetbaluren.’’

Feyenoord-trainer Taument komt zelf van de pleintjes. De voormalig rechtsbuiten, ooit geroemd om zijn technische finesse en snelheid, geeft aan daar de basisbeginselen te hebben geleerd. ‘’Ik denk dat pleintjesvoetbal belangrijk is voor de lichamelijke beweging van die jongens. Vroeger was dat vrij normaal, nu breken ze bij wijze van spreken al hun nek bij een koprol. Op de straat leer je de techniek en de weerstand van het spelen tegen oudere jongens aan. Al blijf ik er bij dat je pas écht leert voetballen bij een club.’’

Veel jongens die zijn gevormd op de straat, breken in deze tijd door. Clubs bieden (noodgedwongen) de kans aan eigen talent, al komen ze soms van ver. De opgebouwde straatmentaliteit kan een speler over het dode punt heentrekken, denkt Jaco Molendijk (44), locatiedirecteur bij één van de vestigingen van de Rotterdamse topsportschool Thorbecke Lyceum. De school werkt samen met Feyenoord: ieder jeugdexponent van de club moet verplicht naar die school. ‘’Neem Jordy Clasie,’’ vertelt hij. ‘’Die zat eigenlijk op de wip. Hij was niet goed genoeg, moest naar Excelsior. Zijn vechtlust heeft hem teruggebracht naar Feyenoord 1 én Oranje. Hij is nu zelfs aanvoerder.’’

Volgens Molendijk, die praktisch ieder Rotterdams talent op zijn school heeft meegemaakt, is de straatmentaliteit makkelijk te herkennen. ‘’Weet je nog, die reactie van Bruno Martins Indi op het WK voetbal tegen Spanje? Toen de scheidsrechter met die spuitbus over zijn – hoe noem je dat ook alweer? – ‘patta’s’ spoot. Die vragende blik en bewegingen: dat zou je Stefan de Vrij nooit zien doen. Die heeft andere kwaliteiten, komt uit een keurig dorp als Ouderkerk aan de IJssel. Bruno komt van het Afrikaanderplein, heeft een moeilijke jeugd gehad. Dat is een ander slag voetballer.’’

Stanley Brard (Feyenoord Academy) ontvangt de Rinus Michels Award in 2011 voor beste jeugdopleiding van Nederland. © ANP

Stanley Brard (Feyenoord Academy) ontvangt de Rinus Michels Award in 2011 voor beste jeugdopleiding van Nederland. © ANP

OPLEIDINGEN
Het feit dat een Rotterdamse opleiding op straat of bij één van de tientallen amateurclubs uit de stad begint, werpt later zijn vruchten af bij de doorstroom naar het betaalde voetbal. Dat constateert Maurice Hagebeuk (32), Talent Performance Coach bij de Koninklijke Nederlandse Voetbalbond (KNVB). ‘’De opleidingskansen zijn groot in Rotterdam, omdat er veel clubs en voetballers zijn. Dat tilt de jeugdopleidingen van amateurclubs naar een hoger niveau. Iedereen krijgt wekelijks de gelegenheid om op zijn eigen niveau te spelen.’’

De drie Rotterdamse profclubs maken dankbaar gebruik van hun omgeving. Niet voor niets heeft al zes jaar op rij een Rotterdamse club de Rinus Michels Award gewonnen voor de beste jeugdopleiding van Nederland. In 2009 was dat Sparta, in de vijf jaar daarop Feyenoord. Behalve profiteren van de vele actieve (straat)voetballers in de regio, zit het structureel goed bij deze opleidingen.

Taument haalt de ‘lichting ‘94’ erbij. In de F-junioren (!) zaten ze al in één team, bijna allemaal haalden ze het profvoetbal: Tonny Vilhena, Terence Kongolo, Jean-Paul Boëtius, Anass Achahbar (Feyenoord 1), Karim Rekik (Manchester City), Nathan Aké (Chelsea) en Kyle Ebecilio (FC Twente). ‘’Ik heb ze drie jaar getraind. Deze lichting is uniek. Die spelers zijn nog zo jong, maar sommigen lopen al in Oranje. Natuurlijk gaat het niet altijd zo, neem bijvoorbeeld Sven van Beek. Die speelde soms twee jaar in hetzelfde elftal en zat vaak ‘op het randje’. Nu breekt hij door bij Feyenoord. De tijd die we hem hebben gegeven, heeft hem sterker gemaakt.’’

Excelsior heeft op het eerste gezicht wat minder profijt van haar jeugdopleiding, maar volgens Van Lochem is zijn club juist succesvol in het ‘voorportaal’. ‘’Een heel legioen spelers komt hier vandaan. Tientallen jeugdspelers vertrekken naar Feyenoord, een enkeling naar Sparta en sommigen breken door in ons eerste elftal. Denk maar aan Mounir El Hamdaoui en –natuurlijk– Robin van Persie. Onze rol lijkt minder groot, maar is niet te onderschatten.’’

Een eerstedivisionist met één van de betere jeugdopleidingen van Nederland is opmerkelijk, maar bij Sparta is dat de realiteit. Van Ruiven denkt dat het verleden een grote rol speelt in de waarborging van de kwaliteit van de jeugd. ‘’Het is een levensader en men vergeet dat niet. We zijn al zo lang een goede opleider… Sparta ís de jeugdopleiding.’’

Als het slecht gaat op school, dan kom je op het bankie. En daar zijn ze gevoelig voor, hè.

SCHOOL
Voor de talenten die in Rotterdam worden opgeleid, is voetbal vaak het leven. Een minder geapprecieerd, bijkomend aspect is school. Daarin wijken de voetbalclubs van elkaar af: Feyenoord verplicht haar talenten naar het Thorbecke Lyceum te gaan; Excelsior en Sparta laten de talenten vrij.

‘’Bij Feyenoord heb je eigenlijk een dagopleiding,’’ vertelt Taument. ‘’De trainingen zijn afhankelijk van de lichting tussen 9.00 en 14.00 uur en dat wordt gecombineerd met school overdag. Zodoende zijn ze ’s avonds rond 18.00 uur thuis bij hun gezin en dat geeft een bepaalde rust. Die verplichting om naar Thorbecke te gaan levert eigenlijk nooit problemen op. Het is een keuze die we als hebben gemaakt en daar staan we volledig achter. Thorbecke maakt school even belangrijk als sport. Presteert de leerling niet goed op school, gaat daar meer aandacht naar toe en wordt er minder getraind.’’

Locatiedirecteur Molendijk denkt dat het succes van de Feyenoord Academy deels te danken is aan de unieke samenwerking met Thorbecke. ‘’Natuurlijk, de voetballer heeft als prioriteit voetbal, maar school hoort er ook bij. Wij hebben de middelen om beiden te combineren. Ook benadrukken we het belang van een diploma, want bij Feyenoord redt nog steeds maar tien procent van de jeugdspelers het betaald voetbal. Zij weten ook: als ik doorbreek, ben ik binnen, maar dat is niet voor iedereen weggelegd. Daarom heeft Feyenoord dus consequenties: als het slecht gaat op school, dan kom je op het bankie. En daar zijn ze gevoelig voor, hè.’’

Bij het Thorbecke Lyceum ontvangen ze geregeld shirtjes van oud-leerlingen. © Tim Reedijk

Bij het Thorbecke Lyceum ontvangen ze geregeld shirtjes van oud-leerlingen. © Tim Reedijk

Sparta en Excelsior kiezen voor een vrije schoolkeuze van de jeugdspeler. ‘’Een busje van ons haalt de jongens op en brengt ze naar de club,’’ legt Van Ruiven van Sparta uit. ‘’Onze visie is dat ieder talent onderwijs moet kunnen volgen in zijn eigen, vertrouwde omgeving.’’ Van Lochem van Excelsior beaamt dat. ‘’Ik vind het zelfs discriminatie om die jongens te verplichten naar welke school ze gaan. Een school met alleen maar voetballers is eigenlijk maar een verzameling eenheidsworsten.’’

TROTS
Met het Rotterdamse succes op het WK (zie kader), de gespekte kas van Feyenoord en de ongekende successen van Sparta-exponent Kevin Strootman bij AS Roma en oud-Excelsiorspeler Robin van Persie bij Oranje en Manchester United, zijn het hoogtijdagen voor de jeugdacademies van de clubs. Is er sprake van trots?

‘’Excelsior is een prettige club,’’ vindt Van Lochem. ‘’Jongens als Orlando Engelaar en Van Persie komen hier geregeld terug. Trots is een groot woord, maar ik ben blij dat we de warme familie kunnen zijn die we willen zijn. De havenstad Rotterdam moet een veilige haven zijn, zeggen we wel eens.’’ Van Ruiven spreekt zich nadrukkelijker uit.

Excelsior eert haar oud-speler Robin van Persie met een eigen tribune.

Excelsior eert haar oud-speler Robin van Persie met een eigen tribune. © ANP

‘’Ik ben onwijs trots als ik zie hoe veel ‘Spartanen’ er op de Nederlandse velden lopen. Het toont aan dat we op de goede weg zijn. Jongens als Jetro Willems en Nick Viergever zitten tegen Oranje aan, Kevin Strootman is een wereldspeler die van Spangen komt. Heel bijzonder.’’

De massale doorstroom van jeugdspelers naar Feyenoord 1 én de WK-successen van de Feyenoorders maken Taument blij. ‘’Het is gewoon genieten. Wij bieden de handvaten, maar uiteindelijk doen ze het toch zelf. Ze hebben er keihard voor gewerkt en wij weten weer waarom we dit doen.’’

Infographic: Rotterdam in Oranje. © Tim Reedijk

Infographic: Rotterdam in Oranje. © Tim Reedijk

Advertenties