Krijg ik wel genoeg thuishulp?

Door de nieuwe Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO), die deze maand van kracht is, wordt 465 miljoen euro gekort op de thuishulp. Gemeenten bepalen zelf op welke manier ze de door het Rijk overgehevelde zorgtaken uitvoeren. Een aantal Nederlandse gemeenten besloot met ingang van 1 januari 2015 de huishoudelijke hulp volledig stop te zetten. De rechter bepaalde anders: gemeenten moeten nu zogeheten keukentafelgesprekken met cliënten voeren en daarna beslissen over de verstrekking van thuishulp. Hulpbehoevende burgers wachten in spanning af.

Ter illustratie ©anp

Ter illustratie © anp

De lichamelijk ernstig beperkte Martha Portier (61) woont in de Groningse gemeente Stadskanaal en krijgt momenteel vier uur per week huishoudelijke hulp. Die leek ze gaan te verliezen omdat de gemeente besloot alle thuishulp per 1 januari van dit jaar stop te zetten. Toch krijgt ze eind van deze maand een second opinion in de vorm van een keukentafelgesprek.

Ieder(in), een belangenorganisatie voor chronisch zieken en gehandicapten, daagde gemeenten die de huishoudelijke hulp zonder degelijk onderzoek vooraf wilden stopzetten voor de rechter. De organisatie stond de dochter van een hoogbejaard echtpaar uit het Friese Dantumadiel bij in haar gang naar de rechter. Ze maakte namens haar vader – bijna blind – en haar moeder – zwaar incontinent – bezwaar tegen het feit dat de huishoudelijke hulp niet meer zou worden vergoed vanaf 1 januari.

Ze kreeg gelijk. Dantumadiel zette landelijk de trend: gemeenten moeten voortaan met iedere cliënt die zegt huishoudelijke hulp nodig te hebben om de tafel.

Rolf Smid, communicatieadviseur van Ieder(in): ,,Natuurlijk zijn wij tevreden met de uitspraak. Eigenlijk stelde de gemeente Dantumadiel eerst vast dat het stel hulpbehoevend is, om vervolgens zonder enig onderzoek te constateren dat de huishoudelijke hulp van het echtpaar moet worden geschrapt. In 2012 kregen deze mensen nota bene nog een uur extra, dat hen op zeven uur per week bracht. Uiteindelijk zag de gemeente zelf ook in dat het onzorgvuldig was. Je moet eerst met de mensen om de tafel.’’

Als de thuiszorg vertrekt, draait de was nog. Dan zit het nog een week in de trommel en stinkt het. En moet het dus opnieuw worden gewassen.

Keukentafelgesprek
Zodoende kreeg Martha Portier begin januari een brief op de mat. Aan het eind van de maand komt de gemeente langs voor een keukentafelgesprek. ,,Zenuwslopend,’’ vindt ze. Smid, van Ieder(in), beaamt dat veel mensen gespannen zijn voor het gesprek. ,,Er heerst veel onrust. Op onze site adviseren we mensen hoe er mee om te gaan. We verklaren wat de gemeente mag doen, wat de burger kan doen, hoe de burger een besluit herkent en waar op moet worden gelet in het gesprek met de vertegenwoordiger van de gemeente.’’

Ieder(in) schrijft dat je als burger vooraf moet vragen naar het doel van het gesprek. Ook geeft de organisatie aan dat er iemand kan worden meegenomen ter ondersteuning. Bovendien dient de gemeente adequaat uit te leggen of de voorgestelde oplossing ‘passend en betaalbaar’ is.

,,Mensen zijn bang niet het aantal uren te krijgen dat ze denken nodig te hebben”, zegt Smid. ,,En ze zijn uiteraard gespannen omdat het gesprek een belangrijk deel van de besluitvorming rondom de patiënt bepaald.” Dat die gesprekken er nu komen is volgens Smid een juiste toepassing van het nieuwe beleid. ,,De nieuwe WMO is gericht op de dialoog tussen gemeenten en burgers.’’

Martha Portier © privéfoto

Martha Portier © privéfoto

WMO
Door de omslag in het zorgstel vanaf begin 2015 hebben gemeenten er veel taken bij gekregen. Zo ook de uitvoering van de Wet Maatschappelijke Ondersteuning. Dat betekent dat zij verantwoordelijk zijn voor de begeleiding van thuiswonende ouderen, mensen met psychische problemen en gehandicapten. Tevens gaan zij over dagbesteding. Er wordt vaker gekeken naar wat mensen nog zelf kunnen en gemeenten stellen bovendien strengere eisen. Daarnaast bepalen ze zelf hoe ze deze niet-medische taken uitvoeren.

Voor de gemeente Stadskanaal, die 33.000 inwoners telt, was de overdracht van zorgtaken ook aanleiding om zonder onderzoek de huishoudelijke hulp stop te zetten. ,,Het was een afweging’’, zegt Floor Aukema, beleidsmedewerker maatschappelijke zaken bij de gemeente. ,,We moesten saneren omdat we op een tekort van 1,8 miljoen euro koersten binnen de begroting 2015/2016. Daarom staken we scherp in. We hadden de voorziening huishoudelijke hulp langzaam kunnen afbouwen, maar als je die nu niet stopzet, komt het allemaal later aan de beurt. Die achterstand maakte deze pijnlijke beslissing noodzakelijk.’’

We kijken naar de persoon en diens sociale netwerk. Zo krijgt iedereen de hulp die écht nodig is.

Hulp
Intussen vreest Martha Portier voor de toekomst. Haar man overleed vorig jaar plotseling en ze ging bovendien van veertien naar vier uur huishoudelijke hulp per week. ,,En dat terwijl mijn echtgenoot mij hielp. Hij deed de boodschappen, hij kookte. Ik ben zo afhankelijk. Ik kan niet meer lopen door mijn spierziekte en ben aan een elektrische rolstoel gekluisterd. Ik ben hart-, long- en astmapatiënte en heb botontkalking. Door mijn suikerziekte helen wonden niet meer. Ik heb als gevolg daarvan heel veel vuile was, want ook mijn bed is snel vies. Zelfs met vier uur huishoudelijke hulp is dat een probleem. Of het blijft liggen, óf de thuiszorg stopt het in de wasmachine. Als de thuiszorg vertrekt, draait de was nog. Dan zit het nog een week in de trommel en stinkt het. En moet het dus opnieuw worden gewassen.”

Niet alleen de was is een probleem voor Portier. Omdat ze dagelijks met haar rolstoel van binnen naar buiten rijdt en vice versa, wordt de vloer snel vies. Eigenlijk dient haar woning elke dag te worden gestoft en gestofzuigd, stelt ze. Zaken waartoe ze zelf niet in staat is.

Participatiesamenleving
De nieuwe WMO kijkt vooral naar wat mensen nog wel zelf kunnen en waar familie, vrienden en bekenden kunnen bijspringen. Het accent ligt niet meer louter op voorzieningen. Op papier sluit dat naadloos aan bij de filosofie van de even geroemde als bekritiseerde participatiesamenleving, maar voor Portier is de realiteit anders. ,,Mijn zoon woont ver weg,’’ vertelt ze. ,,In Deventer. Met mijn verdere familie heb ik al jaren geen contact meer. Zij zijn allemaal chronisch ziek en afhankelijk van hun eigen kinderen.’’

De gemeente Stadskanaal bereidt zich inmiddels voor op de keukentafelgesprekken. Aukema: ,,We streven naar zorgvuldigheid. Bij onze besluitvorming indertijd was ingecalculeerd dat burgers konden aangeven wanneer ze het oneens waren met onze beslissing. Sinds Dantumadiel zijn we de dossiers van alle cliënten in de gemeente die thuishulp behoeven opnieuw aan het bezien. In plaats van een beschikking waartegen burgers bezwaar konden maken, gaan we nu in gesprek met burgers om pas dan tot een beschikking te komen. Daarbij kijken we naar de persoon en diens sociale netwerk. Zo krijgt iedereen de hulp die écht nodig is.’’

Advertenties